151 Utrechtse grondwatermonitoringputten in de BRO

Woensdagmiddag 21 november om 13:00 uur vond er een primeur plaats: de eerste automatische migratie van 151 ‘eenvoudige’ grondwatermonitoringputten van DINO (Data en Informatie Nederlandse Ondergrond) naar de Basisregistratie Ondergrond. Bronhouder Provincie Utrecht, vertegenwoordigd door Eddie Poppe: “Overzetten ging gemakkelijk. Wij hoefden alleen de gegevens te controleren en akkoord te geven. Een feestelijk moment”.

Allereerst, wat wordt precies bedoeld met een ‘eenvoudige’ put?

“Wat de grondwatermonitoringputten eenvoudig maakt is dat de gegevens van deze putten na de inrichting niet meer zijn gewijzigd. Complexe grondwatermonitoringputten bevatten daarentegen wel gegevens die zijn gewijzigd. Deze grondwatermonitoringputten zullen later gemigreerd worden.

Welke partijen zijn betrokken bij de migratie?

“Provincie Utrecht, TNO en het ICTU. Provincie Utrecht is als bronhouder van de 151 grondwatermonitoringputten betrokken, vertegenwoordigd door Janco en Eddie. Hierbij is Janco contactpersoon voor de Provincie Utrecht op het gebied van grondwater (grondwaterputten en metingen). TNO is beheerder Landelijke Voorziening Basisregistratie Ondergrond en neemt voor deze migratie de rol in als dataleverancier van de grondwatermonitoringputten voor de Provincie Utrecht. Deze rol wordt ingevuld door Erik, Marc en Rob. Daarnaast heeft Megan van TNO geholpen met het toekennen van de laatste rechten die nodig zijn om de rollen te kunnen toewijzen, zodat gegevens kunnen worden gecontroleerd en geaccordeerd. Het implementatieteam van het ICTU werd vertegenwoordigd door Lisette.

Hoe verloopt een migratieproces?

“Binnen zo’n proces is het natuurlijk belangrijk dat alle rollen goed zijn belegd: de bronhouder moet de leverancier gemachtigd hebben en intern de rol van controleur hebben toegewezen. Na de gegevensvalidatie ontvangt de bronhouder een mail waarin is aangegeven dat er gegevens zijn aangeleverd. Deze mail is een trigger om te starten met controleren, accorderen en doorzetten naar de BRO. Dit proces gaat volledig via het BRO-bronhouderportaal, via het project dat hiervoor door de bronhouder is aangemaakt. Na het controleren en accorderen zet het portaal automatisch de gegevens door naar de BRO. Per geleverd object, dus in deze test per grondwaterput, zijn de gegevens in het portaal te raadplegen: de locatie op een kaart en de attributen in een tabel”.

Hoe verliep het migratieproces bij jullie?

“Via een Skype-verbinding stonden de twee partijen met elkaar in contact. TNO trapte af met de aanlevering en de validatie van de 151 grondwatermonitoringputten. Vervolgens werden de gegevens door de Provincie Utrecht gecontroleerd, gevalideerd en doorgezet naar de BRO, direct in de productie-omgeving. Dit alles met succes! Lisette van het ICTU rekende vooraf al op een goede afloop, dus twee heerlijke taarten stonden voor ons klaar”.

De migratie voor eenvoudige putten is geslaagd, wat zijn nu jullie vervolgstappen?

“Het is een mooi resultaat dat er 151 nieuwe grondwatermonitoringputten zijn toegevoegd aan de BRO. Leuk weetje: de Provincie Utrecht is hierdoor direct de hoogst genoteerde provincie in het aanleveroverzicht voor grondwatermonitoringputten. De komende tijd gaan wij als Provincie Utrecht verder aan de slag om de BRO beter onder de aandacht te brengen. Wij zullen met TNO de voorbereidingen treffen om ook de grondwatermonitoringputten die ooit gewijzigd zijn en de grondwatermonitoringputten die niet voldoen aan de IMBRO-standaarden over te kunnen zetten naar de BRO”.